De clownvis op het kopkaartje verklapt meteen het kleurenschema: de knikkers in dit zakje zijn rood en helder geel, met de twee kleuren in banen door het glas gedraaid. Er zitten er 21 in, 20 van 16 mm en een grote van 25 mm.
Knikkeren begint bij een kuiltje of een krijtlijn. Je schiet met je duim, je probeert de knikker van de ander te raken, en na de speeltijd wordt er geruild. De grote knikker van 25 mm is de bonk waarmee je schiet - een kop groter dan de rest en dus ook het meest gewild.
De knikkers zijn van glas, wat ze zwaar genoeg maakt om recht over tegels en zand te rollen. Het zakje heeft een achthoekig kartonnen kaartje waarop de aantallen en de maten gedrukt staan.
Rood-gele knikkers vallen op in een zak vol blauw en groen, dus dit is een leuke aanvulling voor een verzamelaar - en een klein, meteen bruikbaar cadeautje voor wie nog moet beginnen.